Kiezen, hoe doe je dat?
Om een juiste studiekeuze te kunnen maken moeten de volgende voorwaarden vervuld zijn:

- je beschikt over zelfkennis
- je weet uit welke opleidingen je kunt kiezen
- je weet wat de consequenties zijn van de verschillende mogelijkheden
- je weet hoe je de voor- en nadelen van de keuzemogelijkheden goed tegen elkaar kunt afwegen
- je beschikt over een duidelijk geformuleerd doel van waaruit je kunt bepalen wat het beste alternatief is.

Vooral de laatste drie genoemde voorwaarden zijn moeilijk te realiseren. Kiezen is namelijk geen zuiver rationele bezigheid. Het gaat bij kiezen om een emotioneel proces van wikken en wegen, dat uiteindelijk tot een overtuiging leidt.
In het keuzeproces kun je de volgende fasen onderscheiden:
Fase 1: Het besef te moeten kiezen
Het besef te moeten kiezen kan spanning en onaangename gevoelens met zich meebrengen. Je kunt gaan twijfelen en jezelf afvragen of de studie wel bij je past, niet te zwaar voor je is en of je het beroep waarvoor je wordt opgeleid wel interessant vindt.
Ga deze gevoelens en twijfels niet uit de weg, maar sta ervoor open; dan ontstaat er een positieve spanning die je in staat kan stellen om tot een studiekeuze te komen.
Fase 2: Acceptatie van de keuze-onzekerheid
In deze fase zul je de onzekerheid moeten accepteren: aanvaard dat je het (nog) niet weet, zodat je je actief kunt gaan inzetten voor de oplossing van het keuzeprobleem.
Fase 3: Vrijblijvend verkennen
Bij studiekeuzeproblemen gaat het vaak om een veelheid van alternatieven. Door de mogelijkheden onbevangen te verkennen benut je de ontstane onzekerheid (fase 2) optimaal. Je onderzoekt de keuze-alternatieven vrijblijvend en stelt je voor hoe het zal zijn en wat het zal betekenen om een alternatief echt te realiseren. Stel dat je die studie kiest, wat betekent dat dan voor studiedruk, wonen, beroepsperspectief, omgang met studenten en jouw aanzien? Bekijk de alternatieven vanuit allerlei invalshoeken.
Fase 4: Vergelijken
In deze fase ga je de verschillende keuze-alternatieven met elkaar vergelijken. Je komt verder als je precies kunt benoemen wat voor jou belangrijke criteria zijn. Vaak voel je veel voor een mogelijkheid zonder dat je precies weet waarom. Probeer dan te onderzoeken hoe dat komt. Een gesprek met anderen die jou goed kennen kan nu nuttig zijn. Zij kunnen misschien benoemen wat jij onderbelicht of zelfs misschien niet wilt zien. Dit kan je keuzeproces versnellen.
Fase 5: De beslissing
De overgang van niet weten wat je wilt naar wel weten wat je wilt, is vaak moeilijk aan te wijzen. Vaak valt de beslissing onbewust, om vervolgens uit te groeien naar een standpunt dat energie geeft en aanzet tot actie in de gekozen richting. Ook kom je nu met de overtuiging naar buiten, je gaat er al meer over praten. Niet omdat je al 100% overtuigd bent van je besluit, maar omdat je steeds meer achter je keuze gaat staan.
Fase 6: De uitvoering
Als je uiteindelijk een beslissing hebt genomen, leidt dat meestal tot energie. Obstakels die de realisatie in de weg staan kunnen worden opgeruimd. Deze laatste fase van de uitvoering kenmerkt zich door een grote daadkracht en blijdschap.
Je bent nog niet ingelogd.
» log in voor meer tests en tools.